A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

RSS

Capadose, Abraham

Gewijzigd op 04-09-2012 09:39 by host Gecategoriseerd als Markante protestanten
Afbeelding
Arts uit een liberaal-joods milieu, stond aan de wieg van de zondagsschool (Amsterdam 22 augustus 1795 - Den Haag 16 december 1874)

Volgens zijn neef Da Costa had Capadose zo’n harde kop dat hij zelfs aan zijn denkbeelden zou blijven vasthouden als ze onder zijn voeten in een brandstapel zouden veranderen. Relativiteitszin was hem volledig vreemd. De ‘geest der eeuw’ werd door Capadose tot in het absurde bestreden, tot bliksemafleiders, vaccinatie, levertraan en stoommachines aan toe. Hem een betweter of dweper doet hem geen recht – hij was een geloofsfanaticus, een drijver.

Abraham Capadose kwam als zoon van een Portugees-joodse wijnhandelaar in Amsterdam ter wereld. In zijn jongste jaren ging hij niet naar school, maar werd thuis onderwezen door een gouverneur. Eenzelvigheid was het gevolg, een persoonlijkheidstrek waaraan ook de beslotenheid van de Portugees-joodse gemeenschap debet zal zijn geweest.

Na de latijnse school ging Capadose in 1812 medicijnen studeren, naar voorbeeld van zijn oom Immanuël die in Amsterdam een drukbezochte dokterspraktijk had. Na een jaar in de hoofdstad te hebben gestudeerd, besloot Capadose zich in Leiden verder te bekwamen in de medische wetenschap. Samen met Da Costa, die er rechten studeerde, kwam hij onder de bekoring van Bilderdijk die als privaatdocent een ‘éénmansuniversiteitje’ tegen de geest van verlichting en liberalisme runde. De beide neven stortten zich op de bijbel en kwamen tot de aanvaarding van Jezus Christus als de in het oude testament aangekondigde messias. Ze lieten zich in 1822 dopen in de Leidse Pieterkerk. Capadoses bekering vervreemdde hem van zijn vader en moeder. Ook zijn oom Immanuël, in wiens praktijk hij na zijn afstuderen in 1818 was gaan werken, keurde de overgang naar het christendom af.

Een bestaan als huisarts bleek voor de zwaar-astmatische Capadose al gauw te zwaar. Zijn praktijk verliep, overigens ook omdat de joodse clientèle na zijn bekering de kant van zijn oom koos. In 1827, een jaar na diens dood, beëindigde Capadose de praktijk, inmiddels ook in medische kring omstreden vanwege zijn ageren tegen de koepokinenting. Die was wanvrucht van het wereldlijke vooruitgangsgeloof en getuigde van een gebrek aan godsvertrouwen. Dat collega-artsen zich wijd en zijd in hun beroepseer aangetast voelden leek Capadose niet te raken. In zes jaar tijd sprak hij in zeven boekjes de banvloek over vaccinatie uit. Toen Da Costa een kind aan pokken verloor schreef Capadose de ’troostende’ woorden dat het zwakke jongetje, had het de pokken doorstaan, wel door een volgende ziekte zou zijn weggenomen. Aan Gods tuchtroede was niet te ontkomen.

In 1829, twee jaar nadat Capadose zijn huisartsbestaan had opgegeven, trouwde hij met de welgestelde Jeanne van der Houven, dochter van de eerste directeur, later president van de Nederlandse Handel-Maatschappij. Het paar vestigde zich in 1831 in de luwte van het Gelderse Scherpenzeel waar het wekelijks geloofsbijeenkomsten organiseerde, soms van extatische aard. Capadose miste er echter het contact met de Hollandse Reveilkring. In 1833 verhuisde hij, ook omwille van de gezondheid van zijn vrouw, naar Den Haag waar de komst van de querulant met enige zorg tegemoet werd gezien. Niet ten onrechte, want nog hetzelfde jaar verscheen Ontheiliging van het huis Gods. In dit vlugschrift trok Capadose fel van leer tegen een muziekuitvoering in de Haagse Grote Kerk, nota bene bijgewoond door de koninklijke familie.

Omdat de gezondheid van zijn vrouw ook in de hofstad labiel bleef, werd in 1836 de zuiverheid van de Zwitserse berglucht verkozen. Capadose zocht er contact met Merle d’Aubigné en César Malan, grondleggers van het Reveil, en schreef er zijn bekeringsgeschiedenis, Conversions du Dr. A. Capadose. Het boekje kreeg vele vertalingen en bezorgde hem internationaal naam en faam. Zonder zijn vrouw, die in april 1837 overleed, keerde Capadose naar Den Haag terug. Hij stortte er zich op de inwendige zending die hem onder joodse Hagenaars bijzonder gehaat maakte. Op zondag ging Capadose bijbel- en godsdienstonderwijs geven aan kinderen van uiteenlopende gezindte. Dit initiatief kreeg elders navolging en leidde in 1866 tot de oprichting van de Nederlandse Zondagsschoolvereniging. In hetzelfde jaar verliet Capadose, als een van de weinige aanhangers van het Reveil, de hervormde kerk. ‘Bij een cadaver kan ik niet langer wonen,’ schreef hij in zijn open brief Of scheiden of Scheiding. Tot zijn dood, in 1874, was Capadose kerkelijk dakloos.

Auteur: Peter Bak, voor Protestant.nl, 1 juli 2009

Verder lezen: D. Kalmijn, Abraham Capadose (Den Haag 1955) ; Nelleke Bakker, 'Een "onschatbaar geschenk der voorzienigheid". De koepokinenting, de school en het christelijk gewetensbezwaar', in: G. Harinck en G.J. Schutte (red.), De school met de bijbel. Christelijk onderwijs in de negentiende eeuw (Zoetermeer 1996), 73-86

Informatie op internet: Digitale bibliotheek voor de Nederlandse letteren

Thank you for evaluating SQLViewPro. If after your evaluation you wish to support great DotNetNuke software, please visit the store to purchase a membership. Use discount code 'TRIAL' at checkout for 10% off!